De erfenis van slavernij
Deze tentoonstelling laat zien dat Nederland, door het slavernijverleden, onlosmakelijk met Suriname en de Nederlandse Antillen en Aruba is verbonden.

Aan de hand van thema’s als het zwarte leed, plantageleven, straf en verzet en Schatkamer van de Marrons wordt deze verbondenheid verbeeld. De erfenis van slavernij is zichtbaar in historische documenten, objecten, moderne kunst en in unieke interviews met nazaten van slaven en slavenhouders op Curaçao, in Suriname en Nederland.
Slavenhandel en leven op de plantages
Nederland speelde een belangrijke rol in de transatlantische slavenhandel. De schepen van de West Indische Compagnie (W.I.C.) vervoerden grote aantallen slaven van de Westkust van Afrika naar Suriname en de Antillen. Ze werden verkocht om daar te gaan werken op de plantages. Originele prenten, diorama’s en speelfilmfragmenten geven een beeld van de overtocht en het leven op de plantages. De niets verhullende prenten van de Schot Stedman laten zien welke gruwelijke straffen de slaven kregen. Stedman nam deel aan een strafexpeditie, die in opdracht van de Republiek Nederland, gevluchte slaven moest opsporen. Weggelopen slaven (Marrons) trokken zich terug in het oerwoud van Suriname en pleegden van daaruit verzet. Ook op Curaçao kwamen slaven in opstand. Speciale aandacht krijgen de zwarte vrouwen, die als stille heldinnen een belangrijke bijdrage leverden aan overleving en verzet.
De erfenis
De erfenis van slavernij krijgt in de hele tentoonstelling aandacht. Concrete overblijfselen zijn terug te vinden in voorouderbeelden en marronkunst. Interviews met nazaten van slaven en slavenhouders, gefilmd in Suriname, Curaçao en Nederland, vertellen indringende verhalen uit de levende geschiedenis. Zij laten zien dat de erfenis van slavernij zowel op cultureel als op sociaal / maatschappelijk gebied nog steeds diep geworteld is in de hedendaagse samenleving.
Spijtbetuiging en herstelbetalingen
Op 1 juli 1863 schafte Nederland, als een van de laatste landen van de wereld de slavernij af. Het verbreken van de kettingen, keti koti, dat elk jaar op die eerste juli wordt herdacht staat de laatste jaren steeds meer in de belangstelling. Aan de hand van het wapen van Suriname, met de tekst Justitia (gerechtigheid), Pietas (mededogen) en Fides (vertrouwen) stelt de tentoonstelling ook de volgende issues aan de orde: herstelbetalingen, spijtbetuiging en collectieve geheugen.
www.wereldmuseum.rotterdam.nl