De opkomst van het ziekenfonds
In 1900 telde Nederland zo’n 2400 ziekenfondsen. Ze waren opgericht door particulieren of belanghebbenden, met het doel zich te verzekeren tegen de kosten van geneeskundige verzorging.
[klik voor vergroting]
In 1895 richtte de Oosterbeekse arts Veenenbos bijvoorbeeld een ziekenfonds voor arbeiders op. Wie meedeed moest per gezin 17 cent per week betalen. Daarvoor kregen de deelnemers gratis geneesmiddelen en verbandstoffen en korting op breukbanden, brillen, et cetera. De meeste fondsen hadden weinig leden. De rest moest het zelf betalen eventueel met hulp van de armenzorg. Een poging tot invoering van een verplichte ziektekostenverzekering, in 1904, strandde op verzet van de ondernemers. Pas in 1941 werd het ziekenfonds verplicht. Op de bovenstaande afbeelding een oorkonde van het 25-jarig bestaan van het Ziekenfonds Wormerveer, opgericht door een plaatselijke arts.
Reacties op dit artikel
J.J. Mekel
schreef op:
Saturday, 18 Feb 2006 16:37:49 De oprichting de ziekenfondsen voldeed niet o.a. omdat het grote aantal fondsen verwarrend werkte, de grote concurrentie, maar vooral het recht van weigering om lid te worden. De Duitsers hebben hun systeem ingevoerd en dat werkte prima. |
Renaissance
In Italië verschijnt van Leone Battista Alberti de eerste verhandeling over de
architectuur van de Renaissance. Ook zijn opvolgers, onder wie Serlio, Cesariano, Vignola en Scamozzi, gebruiken het werk van Vitruvius als leidraad.
Ziekte en gezondheidGerelateerde artikelen
Zelfde periode
Relevante tijdvakken |
|
Monday, 25 Jan 2010 21:36:23
Voor zover ik het me kan herinneren waren mijn ouders lid van het ziekenfonds De Volharding. De
huisarts, de tandarts en de apotheek waren van hetzelfde ziekenfonds. Mijn moeder kreeg haar kinderen in de Kraamvrouwenkliniek De Volharding. In de jaren vijftig had je geloof ik niet zoveel keus. Tegenwoordig wel